Een hoogbegaafde is een snelle en slimme denker, die complexe zaken aankan. Autonoom, nieuwsgierig en gedreven van aard. Een sensitief en emotioneel mens, intens levend. Hij of zij schept plezier in creëren.”

Als je op de term hoogbegaafdheid zoekt kom je veel verschillende definities tegen. Voor mij vat bovenstaande omschrijving het beste samen wat nu eigenlijk hoogbegaafdheid is. Snelle denker, autonoom en sensitief & emotioneel zijn de key-woorden. In dit artikel geef ik een beschrijving van deze drie begrippen.

Snelle denker

Vanaf een IQ van 130 spreken we van hoogbegaafdheid. Kinderen met een IQ-score tussen de 130 en 140 noemen we hoogbegaafd. Kinderen met een IQ boven de 140 noemen we extreem of zeer hoogbegaafd. Wanneer een hoogbegaafd kind zowel thuis en op school goed begeleid wordt dan valt op dat ze heel leergierig zijn, kennis en informatie snel opnemen en verwerken. Ze goed verbanden kunnen leggen en beschikken over een groot oplossingsvermogen. Daarnaast zijn ze complexe denkers die grote denkstappen maken. Dit zorgt er vaak voor dat buitenstaanders de verhalen niet begrijpen omdat ze de logica van het kind niet kunnen volgen.

Autonoom

Hoogbegaafde kinderen hebben een grote behoefte aan autonomie. Zij zijn zeer zelfstandig in het bepalen van hetgeen ze zelf willen. De noodzaak om autonoom te zijn is bij deze kinderen groter dan bij andere kinderen. Het is voor hen noodzakelijk om vrijheid te krijgen. Wanneer ze dat niet of te weinig krijgen dan ontstaat er dwars en opstandig gedrag.  Bij hoogbegaafde peuters en kleuters leidt dit zeer vaak tot woede uitbarstingen. Op latere leeftijd kunnen ze hun behoeften beter verwoorden en wanneer deze door ouders en leerkrachten gehoord worden nemen de boze buien ook weer af. De grote behoefte aan autonomie zorgt er mede voor dat deze kinderen veel minder gevoelig zijn voor straffen en belonen.

Sensitief & emotioneel

Kinderen die hoogbegaafd zijn, zijn ook altijd in meer of mindere mate hooggevoelig oftewel hoogsensitief. Er wordt onderscheid gemaakt in vijf vormen van gevoeligheid, namelijk psychomotorische gevoeligheid, zintuigelijke gevoeligheid, intellectuele gevoeligheid, verbeeldingsgevoeligheid en emotionele gevoeligheid. Sensitiviteit oftewel gevoeligheid gaat mijns inziens altijd samen met een hoge intelligentie. Deze twee zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. De mate waarin de gevoeligheden worden gezien en worden ervaren door het kind zelf en de omgeving is afhankelijk van de mate waarin het kind wordt gezien. Zijn er goede aanpassingen voor het kind op school en is de thuissituatie ook goed ingespeeld op wat het kind nodig heeft dan zullen de gevoeligheden minder worden gezien.